In haar zoektocht komt Gerda Alexander tot twee bepalende inzichten

by Thérèse Windels on 1 februari 2012

De ritmische en kunstzinnige bewegingsopvoeding van Jaques Dalcroze ligt duidelijk aan de basis van  het werk en de inspiratie van Gerda Alexander. Tijdens deze periode krijgt Gerda twee doorslaggevende inzichten die haar verdere pedagogische zoektocht bepalen. Haar geboortestad Wuppertal is in die tijd (en tot op heden met ondermeer Pina Bausch) een levendig centrum voor moderne dansrichtingen. Vanuit de Otto-Blensdorf school participeert Gerda aan verschillende danscongressen en woont heel wat dansopvoeringen bij. Zij kan ondermeer leerlingen van Mary Wigman, Rudolf Laban en Bess Mensendieck aan het werk zien en ontmoeten. Zij weet dat de meesten van deze dansscholen zich tot doel stellen de persoon meer vrijheid te laten ervaren doorheen de expressieve mogelijkheden van de beweging.  Toch valt het Gerda op dat deze leerlingen op  stereotype manier bewegen, waarin telkens het eigen karakter van elke school terug te vinden is. Zij neemt van daaruit het besluit om een weg te zoeken naar een meer authentieke, persoonlijk doorleefde beweging in plaats van deze tendens tot nabootsing. Het wordt haar streven om de persoon in zijn ‘uniek zijn’ meer natuurlijke uitdrukkingskansen te geven door ondermeer het bewegingsverloop niet vooraf te bepalen. Zij zet haar leerlingen aan om uitvoerig hun bewegingsmogelijkheden te verkennen vanuit eigen impulsen en intenties.
Daarnaast heeft Gerda reeds van kindsbeen af te kampen met een broze gezondheid.  Op 17 jarige leeftijd heeft zij af te rekenen met zware gewrichtsreuma en hartproblemen. Zij wordt gediagnosticeerd tot toekomstige rolstoelpatiënt. Zij zal  het dansen moeten loslaten. Het komt er nu op aan dat zij met deze  gewrichtspijnen en hartzwakte leert omgaan en toch een vorm van levenskwaliteit weet te vinden. Zij is op creatieve wijze, dag in dag uit, op zoek naar persoonlijk comfort en herstel. Op verkenning naar de minst belastende houding en de meest aangepaste beweging ontdekt zij de sensatie van moeiteloosheid. Deze noodzakelijke zelfzorg doet haar inzien hoe waardevol het is om op autonome wijze met eigen beperkingen om te gaan. Gerda beseft dat deze vorm van zelfredzaamheid en zelfverantwoordelijkheid een bewustwordingsproces impliceert. Zij realiseert zich dat dit appel doet op een innerlijk vermogen dat voor de meeste mensen ongekend is.  Zij neemt zich dan ook voor om vanaf nu meer op dit innerlijk potentieel beroep te doen.
Deze twee nieuwe krachtlijnen doorweven voortaan haar pedagogische zoektocht: het appelleren op de eigenheid van de persoon en op de verantwoordelijkheid tot zelfzorg.

Bronnen:
– Gerda Alexander in gesprek met David Bersin Somatics 1983/1984
– L’EUTONIE Gerda Alexander Dominique Duliège Bernet-Danilo avril 2002

Previous post:

Next post: