Er zijn meerdere motieven waarom ik in oktober 2011 ‘Het ontstaan van de eutonie doorheen het leven van Gerda Alexander’ begon uit te schrijven.
Vooreerst is Gerda, als grondlegster van de eutonie, nog steeds weinig gekend in Vlaanderen. Haar boek, dat in het Duits verscheen in 1976, werd hetzelfde jaar in het Frans vertaald en beide boeken zijn vorig jaar heruitgegeven. In 1981 volgde de Engelse vertaling. Later verschenen twee Spaanse boeken over Gerda en de eutonie. In het Nederlands is noch het boek, noch literatuur over Gerda beschikbaar.
Daarnaast is het voor mij een manier om mijn erkentelijkheid naar Gerda uit te drukken. Als een van de enige Vlamingen, heb ik haar van dichtbij meegemaakt ondermeer tijdens mijn eutonieopleiding in Denemarken. Mijn speurtocht doorheen biografieën en interviews hebben mij nieuwe aspecten van haar leven onthuld, waardoor de ontwikkeling van haar methode voor mij in een nog natuurlijker daglicht is komen te staan.
Tenslotte, en dat is wellicht mijn belangrijkste motief, wens ik de eutonie meer bekendheid te geven als lichaamsgerichte werkwijze die net door haar eenvoud zo dicht bij het leven staat. Zij reikt ‘tools’ aan om een meer sensibel lichaamsbesef te ontwikkelen, waardoor men, dag na dag, tot een alerte grondhouding komt, die meer op het leven zelf betrokken is. Men kan zich beter ter hand nemen en zelfstandiger met stress en lichaamsklachten omgaan. De eigen draagkracht neemt toe en men kan, met grotere waakzaamheid, adequater inspelen op de leefomgeving. Deze vorm van autonomie en zelfzorg is ongetwijfeld een sleutel tot preventie (dossier). In een tijd waar zelfvervreemding in toenemende mate om ons heen sluipt, is zelfwaarneming en gelijktijdige afstemming op anderen, sociaal gezien, van onschatbare waarde.

De volgende berichten beschrijven hoe Gerda Alexander de eutonie ontwikkelt doorheen haar levensomstandigheden:

Samen met enkele tijdsgenoten was Gerda overtuigd van de onlosmakelijke samenhang tussen lichaam en geest. In de periode na de Eerste Wereldoorlog was dit eerder revolutionair te noemen. Deze zienswijze werd in die tijd helemaal niet ondersteund door wetenschappelijk onderzoek, wat Gerda regelmatig betreurde. Zij zal dus haar methode uitbouwen op basis van haar ervaringsgerichte werkwijze, steeds gekoppeld aan een sterke intuïtie.

In de twee eerste berichten wordt uitvoerig beschreven hoezeer Gerda door haar Dalcroze-scholing en de Reformpädagogik veelzijdig gevormd werd. Daardoor is het voor haar vanzelfsprekend te bevragen, te verkennen en te vernieuwen:
Hoe het verhaal van de Eutonie begon
Wie is Jaques Dalcroze, die Gerda zo sterk beïnvloed heeft?

Bericht drie geeft weer hoe Gerda de beperkingen, opgelegd door haar wankele gezondheid, steeds opnieuw voor zichzelf weet te hanteren. Dezelfde inventieve houding is terug te vinden in haar onderricht. Zij verscherpt haar aandacht voor aanpassingsvermogen en bewegingseconomie. Tegelijk zoekt zij pedagogische wegen om bij haar leerlingen de authenticiteit in de beweging en de uniciteit van eenieder aan te spreken:
In haar zoektocht komt Gerda Alexander tot twee bepalende inzichten

Gerda verlaat Duitsland waar haar ideeën, door het nazisme, geen kans maken. Het vierde bericht beschrijft zowel haar muzikale als choreografische realisaties. Deze creatieve opvoeringen doen haar het belang inzien van de expressiviteit en de ‘presence’. Dit laatste staat voor een kwaliteit van aanwezigheid die Gerda koppelt aan het vermogen om zich af te stemmen op de andere. Tegelijk rijst de vraag hoe deze kwaliteit van tegenwoordigheid te bereiken is ? Deze bevindingen en vragen brengen Gerda gaandeweg tot een nieuwe bewegingsopvoeding, die zij verder in haar eerste school uitbouwt:
Ondanks haar fysieke beperkingen brengt Gerda sterke artistieke realisaties

De ontmoetingen met twee bijzondere dames, beschreven in het vijfde bericht, wekken bij Gerda nieuwe aandachtspunten. Zij wordt bijzonder geraakt door hun werk op de ademhaling en door de gunstige invloed ervan op haar gezondheid. Dat weerhoudt haar niet om, ten aanzien van hun zienswijze, een eigen standpunt in te nemen. Daarnaast geeft een onderdeel van het ademwerk Gerda de kans om haar eigen lichaamsperceptie te verdiepen en te verfijnen. Zo ontdekt zij hoe de moeiteloze beweging, waar zij zich tenslotte al jaren mee uiteen zet, gunstig beïnvloed wordt door innerlijk steunbesef en de centrale rol die het skelet hierin speelt. Dit moedigt Gerda aan om botbesef en gevoel voor oprichting mee in haar pedagogische aanpak op te nemen:
Gerda verdiept haar lichaamspedagogie

Dit zesde bericht vertelt hoe de aanraking en haar effecten voor Gerda als een ware revelatie verschijnen. Zij ondervindt dat het aanraken en waarnemen van de huid als levendige omhulling en begrenzing het lichaamsgevoel beïnvloedt. Zij observeert bovendien dat het wekken van dit tastorgaan, met zijn buitenkant en binnenzijde, bijzondere gewaarwordingen teweegbrengen, die volgens talrijke getuigenissen, weldaad, rust en helende effecten bewerkstelligen. Aandacht voor de huid wordt voor Gerda vanaf nu doorslaggevend en krijgt in haar methode de allereerste plaats. Daarnaast wordt zij steeds meer vertrouwd met de therapeutische impact van haar werkwijze en wordt ook dit aspect voortaan in het programma van haar school opgenomen:
Verdere therapeutische ontwikkeling

Bericht zeven beschrijft tenslotte de eerder toevallige naamkeuze en vertelt hoe de eutonie vanuit de Deense school zich door de jaren heen internationaal verspreidt:
Een methode met als naam Eutonie

In al die jaren blijft Gerda uitkijken naar wetenschappelijke ondersteuning voor haar werk. Zij doet regelmatig beroep op auteurs die werkzaam zijn in verschillende gebieden, gaande van neurofysiologie en fenomenologie tot psychologie. Onder deze auteurs bevinden zich: Jung, Schilder, Merleau Ponty, Head, Piaget en Ajuriaguerra.

Er valt niet genoeg te benadrukken hoezeer de levensweg van Gerda een nooit aflatende zoektocht is geweest. Haar instelling wordt gekenmerkt door wat we tegenwoordig resilience zouden noemen. Nieuwe moeilijkheden of gezondheidsbeperkingen waren telkens de drijfveer om persoonlijke oplossingen te vinden. Dit bracht haar tot het uitbouwen van een werkwijze die zij op geniale manier tot een hanteerbare pedagogie wist te ontwikkelen. Een pedagogie, die attitudevormend, zelfzorgbevorderend, proces – en beroepsondersteunend kan zijn. Bovendien, is zij door haar veelzijdigheid, voor jong en oud toepasbaar in heel wat verschillende gebieden.

Over de samenhang tussen lichaam en geest kan tegenwoordig veel meer verteld worden. De laatste jaren werpen de neurowetenschappen steeds meer licht op de werking van het brein. Nu, begin 2013, werd neuroloog Antonio Damasio bekroond met een eredoctoraat door de KU Leuven. Deze erkenning voor zijn baanbrekend werk rond emoties en rond de samenhang tussen lichaam en geest is voor ons van grote betekenis en zou Gerda ongetwijfeld gelukkig stemmen. Ook zijn overtuiging dat het vermogen tot ‘anticiperen en inschatten’ het sociale leven ten goede komt, geldt voor ons als een grote aanmoediging. Daarnaast verheugen we ons op verdere neurologische ontdekkingen, zoals die van de spiegelneuronen door Vittorio Gallese en Giacomo Rizzolatti, die voor de eutonie een bijzondere ondersteuning betekenen. Evenals het recenter werk van Joachim Bauer dat wij kunnen lezen in het kader van invoelen, voorvoelen, zich afstemmen en tonuscommunicatie. Wij kijken dan ook uit naar de resultaten van toekomstig neurowetenschappelijk onderzoek. We zijn ervan overtuigd dat deze bevindingen de vele aspecten van de eutonie zullen helpen verklaren en verder funderen.

Een methode met als naam Eutonie

by Thérèse Windels on 23 juli 2012

Gerda blijft haar methode verder uitwerken steeds voortgaand op een sterke intuïtie. En dankzij haar rijke en veelzijdige ervaring ziet zij haar benadering zowel toepasbaar in het dagelijkse leven als ondersteunend bij therapeutische processen en evengoed persoonsgericht als geschikt voor groepsonderricht.

De levensgeschiedenis van Gerda laat toe te begrijpen dat zij haar school in Kopenhagen niet alleen in een creatief- kunstzinnig perspectief ziet, maar evenzeer pedagogisch en therapeutisch bedoelt. Gerda is ervan overtuigd dat een ontwikkeld en verfijnd lichaamsbesef de basis vormt van ‘aanwezig- zijn’  en dat beoefenen hiervan voor elk van deze drie gebieden een evidentie is.

Ook al is in deze periode wetenschappelijke onderzoek rond lichaamsbewustzijn nog niet aan de orde, toch groeit bij Gerda de behoefte naar achtergrond en inzicht. Het werk van Paul Schilder rond het lichaamsbeeld: ’ The Image and Appearance of the Human Body, zal daar deels aan beantwoorden. Gerda wordt eveneens geboeid door Merleau-Ponty en auteurs zoals Wallon, Piaget en Ajuriaguerra waarin aspecten rond spiertonus en tonische functie te voorschijn komen.

Midden de jaren vijftig wordt Gerda, in het verder uitwerken van haar ervaringsgerichte methode, al geruime tijd bijgestaan door Alfred Bartussek, arts, voedingsspecialist en leerling van Dokter Mayr. Terwijl de methode oorspronkelijk relaxatie beoogde heeft zij veel bredere en diepere effecten op het menselijk organisme en op de persoon. Het draait in feite om het vinden van een spanningsevenwicht in zowel het sensomotorisch stelsel als in het vegetatief systeem.  In het zoeken naar een naam stuurt Bartussek er dan ook op aan om tegenover de gangbare termen van disfunctie, dystonie, atonie, hyper- en hypotonie, het griekse ‘eu’ te gebruiken om de goede, juiste of adequate spanning weer te geven.

Begin augustus 1959 vindt in Kopenhagen een congres plaats onder de auspiciën van het Deens ministerie van onderwijs rond het thema: “Relaxatie en de heropvoeding van de functionele beweging “. 500 deelnemers vertegenwoordigen 22 landen. Dokter Moshé Feldenkrais doet er de openingsrede. De methode van Matthias Alexander en de autogene training van Johannes Schultz worden er voorgesteld. De Oostenrijkse danspedagoog Rosalia Chladek, waarmee Gerda al lang bevriend is en die destijds haar debuut in Hellerau maakte, stelt er eveneens haar werk voor. Bij deze gelegenheid presenteert Gerda Alexander voor het eerst haar werk, officieel, als “Eutonie”.

De volgende jaren verspreidt de eutonie zich internationaal. Uit de vriendschappelijke contacten met Charlotte Blensdorf- Mac.Jannett, intussen gehuwd en gevestigd in Frankrijk, komen talrijke nieuwe initiatieven  tot stand. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking met de CEMEA (Centres d’ Entrainement aux Méthodes d’ Education Active) die als stroming van ‘de nieuwe opvoeding’ een grote uitstraling kent in Frankrijk.

Gerda reist heel wat af waaronder de Scandinavische landen, Griekenland, Italië, Nederland, Oostenrijk, Zwitserland, Israël, de Verenigde Staten en Mexico om er voordrachten en cursussen te geven. Zij participeert eveneens aan meerdere buitenlandse congressen. In april 1969 wordt Gerda aan de Universiteit van Leuven uitgenodigd om daar de Eutonie voor te stellen. Dit wordt voor Gerda een aanleiding om in december 1969, naast haar school in Kopenhagen, met een internationale groep te beginnen. Zij wil een grondige scholing bieden rond eutonisch bewegen aan gespecialiseerden in de bewegingsopvoeding en de psychomotoriek. Zij komen uit Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, en België om door Gerda gevormd te worden en haar methode verder uit te diepen.

In 1976 verschijnt haar boek “ Eutonie, ein Weg zur körperlichen Zelbsterfahrung”, waarin  Alfons Rosenberg zijn waardering voor Gerda betuigt door het voorwoord te schrijven. Een jaar later verschijnt de Franse vertaling dankzij haar Franstalige leerlingen in Kopenhagen en de Engelse vertaling wordt kort nadien door een dankbare Felix Morrow, verzorgd.

Naast veel ontgoochelingen zal Gerda in de loop der volgende jaren internationaal veel ondersteuning en dankbaarheid ondervinden. Zo getuigen enkelen van haar warme ontmoetingen met Carl Orff, Henriette Goldenbaum, Volker Sobottke en André Schmitt. En niemand minder als Jung had interesse voor haar werk en had haar zelfs graag ontmoet.

Tenslotte maakt Gerda de oprichting mee van “G. A.” scholen in verschillende landen, waar haar erfgoed doorgegeven wordt door haar eigen leerlingen.Later zal Helmut Milz, raadgever bij de WHO en overtuigd van haar waardevolle benadering, ervoor zorgen dat de Gerda Alexander Eutonie als eerste ‘gezondheidsbevorderende methode’ in de wereld gezondheidsorganisatie wordt opgenomen.

In 1989 moet zij omwille van gezondheidsproblemen Denemarken verlaten en terugkeren naar haar geboortestad, Wuppertal, waar zij op 21 februari 1994 op 86 jarige leeftijd  overlijdt.

Raymond Murcia, die destijds deel uitmaakte van de internationale groep, vertaalde het Spaanse boek ‘Conversaciones con Gerda Alexander’ van Violeta Hemsy en brengt er een scherpe analyse van Gerda’s werkwijze. In het voorwoord van de Franse uitgave schrijft hij:
Wij zien doorheen het leven van Gerda Alexander hoe elke ontdekking, elke doorbraak naar een nieuwe creatie, telkens een oplossing brengt op een probleem dat Gerda zelf tegenkomt. Eutonie is gegroeid uit de antwoorden van iemand die ‘neen’ gezegd heeft aan het nazisme, aan de zelfvervreemding, aan stereotype reproducties en aan het onderwerpen van het lichaam aan de goodwill van meesters, leraren en zelfs ouders. Het is eveneens een antwoord op de ziekte en de medische uitspraak, die Gerda Alexander zo vroeg veroordeelden tot levenslang gehandicapt zijn.

Verdere therapeutische ontwikkeling

mei 8, 2012

Het blijft een hoofdthema voor Gerda Alexander van een pedagogie uit te werken die leidt tot een meer bewuste lichaamsbeleving. Doorheen de jaren stelt zij vast hoezeer het wekken van de huid tot deze bewustwording bijdraagt. De cruciale en unieke rol die de aanraking daarin speelt wordt voor Gerda gaandeweg steeds tastbaarder. Zij beschrijft dat […]

Read the full article →

Gerda verdiept haar lichaamspedagogie

april 11, 2012

Gerda Alexander wordt in de volgende jaren diepgaand beïnvloed door Clara Schlaffhorst en Hedwig Andersen, die samen hun ademschool oprichtten in Rotenburg an der Fulda. Deze beide zangeressen, afkomstig uit Pruisen, hadden in het verleden met stemverlies en ademproblemen te kampen. Zij vonden inspiratie en hulp in het werk van de Amerikaan Leo Kofler wiens […]

Read the full article →

Ondanks haar fysieke beperkingen brengt Gerda sterke artistieke realisaties

maart 5, 2012

Vanaf 1929 is Gerda werkzaam in Denemarken. Naast haar uitgebreid ritmiekonderricht in de lijn van  Jaques Dalcroze, onderhoudt zij talrijke contacten met theaterkunstenaars, zangers en muzikanten. Daar vindt zij de volgende jaren steeds meer haar spoor. Zij brengt verschillende artistieke realisaties als ensceneringen en choreografieën. Ondermeer  ‘Orpheus en Eurydike’ van Gluck, en  ‘Dido en Aeneas’ […]

Read the full article →

In haar zoektocht komt Gerda Alexander tot twee bepalende inzichten

februari 1, 2012

De ritmische en kunstzinnige bewegingsopvoeding van Jaques Dalcroze ligt duidelijk aan de basis van  het werk en de inspiratie van Gerda Alexander. Tijdens deze periode krijgt Gerda twee doorslaggevende inzichten die haar verdere pedagogische zoektocht bepalen. Haar geboortestad Wuppertal is in die tijd (en tot op heden met ondermeer Pina Bausch) een levendig centrum voor […]

Read the full article →

Wie is Jaques Dalcroze, die Gerda zo sterk beïnvloed heeft?

januari 5, 2012

Wie is Dalcroze? De Zwitser Emile Jaques Dalcroze (° 1865-1950 + ) wordt geboren te Wenen in een tijd van industriële revolutie en sociale bewustwording. Hij is leerling van Brückner, muziekleraar, componist en orkestleider aan het muziekconservatorium van Genève. Als leraar harmonie en notenleer neemt hij geen vrede met de getheoretiseerde wijze waarop aan muziekonderricht […]

Read the full article →

Nieuwjaarswens

december 25, 2011
Read the full article →

Hoe het verhaal van de eutonie begon

oktober 10, 2011

De kijk op het menselijk lichaam staat doorheen de tijd niet stil. In het begin van de twintigste eeuw vindt een vernieuwende beweging plaats in diverse takken van de (mens)wetenschappen. Dit terwijl het analytisch- fragmentarisch denken het Westen meer dan ooit overheerst. De fenomenologische beschouwing wint aan interesse en de  benadering van de mens als […]

Read the full article →